Wim Claassen, één van onze eerste docenten, blikt terug op het rijke computerverleden van de SOOP. Anno nu is de SOOP nog steeds onmisbaar. Al zijn de lessen wel heel anders van inhoud dan toen.

De SOOP bood in de eerste jaren van z’n bestaan niet alleen amusement. Ook de educatie werd belangrijk. De toenmalige penningmeester Itzchak Jacobsen haalde de toekomst binnen in de SOOP. Hij zorgde ervoor dat verschillende winkels in onze stad twee computers doneerden, zodat de SOOP over zes exemplaren van deze apparaten konden beschikken. Er kwamen cursussen. De belangstelling was groot.

Na een jaar maakte ik kennis met de SOOP. Met vallen en opstaan had ik mijn weg op de computer, toen nog met MS DOS, gevonden en wilde mijn kennis wel delen. Ik meldde me aan als vrijwilliger bij SeniorWeb, dat zojuist door de Rabobank op de rails was gezet. Zij verwezen me naar de SOOP. Daar was een leraar nodig.

Snel was ik daar cursussen aan het geven. Er was geen enkel leerboek in die tijd, dus schreef ik mijn eigen cursussen. Ik heb ze onlangs nog eens opgezocht. Vooral de kennis van het toetsenbord en het hanteren van de muis waren heikele onderwerpen.

Met veel genoegen herinner ik me nog de eerste les, waarin de ‘leerlingen’ kennis maakten met het tekenprogrammaatje ‘Paint’. Iedereen voelde zich opeens een rasartiest, terwijl het doel alleen maar was om met de muis te leren werken. Beroemd geworden is het tv-beeld van onze eerste minister Wim Kok, die de muis tegen het beeldscherm aan hield om de computer te besturen.

Windows 3.1 was de allereerste versie die we gebruikten, maar al snel gingen we in de SOOP over op Windows 95. De besturingssystemen volgden elkaar op; er kwamen ook meer leraren en nieuwe snellere computers. In het computerlokaaltje werd een luchtverversingsinstallatie aangelegd om de schadelijke dampen veilig af te voeren.

In de eerste jaren waren de beginnerscursussen het belangrijkst. Toen men wat meer thuis raakte op de computer, ontstond er ook behoefte aan meer specialistische cursussen. Dat kon ook gemakkelijk met het groeiende lerarenkorps. Er kwamen lessen tekstverwerken, fotobewerken, internet en tekstverwerken met Word. Er kwamen ook leerboeken. De SOOP heeft vaak model gestaan voor het ontstaan van verschillende lesmethodes.

De behoefte aan nieuwe leraren (m/v) bleef. Om hieraan tegemoet te komen hebben de SOOP-ers een lesprogramma ontwikkeld om vrijwilligers klaar te stomen voor het computer-leraarschap. Omdat het arbeidsintensief was, is dit programma maar een drietal keren gegeven.

Aan heel veel zaken zijn we nooit toegekomen. Les op een Apple is er nooit van gekomen. Idealistische systemen zoals Ubuntu, lieten we links liggen. We bleven bij Microsoft, dat via SeniorWeb gunstige voorwaarden schonk om wisselende besturingssystemen goedkoop aan te schaffen.

Langzamerhand droogt de vraag naar kennis van de computer op. Het wordt gewoon. De werking op de achtergrond kan niemand meer bekoren. De vragen gaan vooral over de smartphone, het appen of de DigiD. Je hoeft toch ook niet te weten hoe een verbrandingsmotor werkt om een auto te besturen? Nou dan. Vertel mij maar hoe ik telefoneer met Whatsapp, want dat is gratis.

De computercursussen in de SOOP zijn van karakter veranderd. Kennismakings-cursussen zijn zeldzaam. Korte cursussen nemen de plaats daarvan in. Het populairst is het inloopspreekuur. Iedereen kan met zijn eigen laptop, zijn eigen vraag laten beantwoorden. Het SeniorWeb heeft nu ook vrijwilligers, die bij mensen thuis op hun eigen pc, tablet of telefoon les komen geven over een specifiek onderwerp. Iets om over na te denken voor de SOOP.

Zelf ben ik nu zo ver, dat ik af en toe wel een bijscholingscursusje kan gebruiken. Geen idee bij voorbeeld hoe ik een VPN-verbinding maak. Je moet dat wel weten, als je veilig wilt internetten!”

Tekst en beeld: Wim Claassen